ErfenisvoorAllen: Van krijgen naar verdienen
Voorstel voor een eenvoudiger en evenwichtiger Nederlands belastingstelsel (2027-2045)
Budgetneutraal: minder belasting op arbeid en ondernemerschap, meer belasting op grote verkrijgingen zonder tegenprestatie.
Niet links tegen rechts, maar samen voor een vrije en democratische rechtsstaat.
1. De Kern van het Hervormingsvoorstel
Het voorgestelde belastingstelsel maakt een strikt onderscheid tussen hoe economische waarde bij een individu terechtkomt. Het stelsel stelt drie centrale vragen:
- Wat heeft iemand zelf economisch verdiend of gecreëerd door arbeid of ondernemerschap?
- Wat heeft vermogen werkelijk aan economisch rendement opgebracht?
- Wat heeft iemand zonder economische tegenprestatie (zoals een schenking of erfenis) verkregen?
Grondbeginselen van het voorstel
- Belast economische opbrengst wanneer deze ontstaat.
- Belast de feitelijke verkrijging van vermogen zonder tegenprestatie progressief bij de ontvanger.
- Belast het enkele bezit van vermogen NIET (geen vermogensklem of algemene bezitsbelasting).
Verschuif de belastingdruk van verdienen en ondernemen naar grote verkrijgingen zonder tegenprestatie.
2. Democratische Grondslag: Voorbij Links en Rechts
Het voorstel verwerpt de klassieke politieke tegenstelling tussen 'links' en 'rechts'. De kernvraag is of fiscaal beleid de democratische rechtsstaat, de burgerlijke vrijheid en de politieke gelijkwaardigheid versterkt.
- Vrijheid om waarde te creëren: Succes en vermogensopbouw door arbeid, ondernemerschap, innovatie en risico worden niet gezien als een belastbaar probleem. Er komt geen maximumvermogen.
- Geen erfelijk recht op fiscale bevoordeling: Een zelfverdiende euro en een gekregen euro hebben een verschillende economische oorsprong. Eigen prestatie wordt lichter belast; hele grote gekregen vermogens worden progressief belast.
- Voorkomen van permanente machtsconcentratie: Het doel is niet om vermogensverschillen uit te wissen, maar om te voorkomen dat het belastingstelsel een erfelijke, gesloten concentratie van economische macht in stand houdt.
Democratische waarborg: Het belastingstelsel mag nooit worden gebruikt om politieke tegenstanders of succesvolle ondernemers te bestraffen. Gelijke regels en volledige rechtsbescherming (bezwaar, beroep, menselijke maat) blijven gewaarborgd.
3. De Maatschappelijke Ruil
Iedere structurele netto-meeropbrengst uit de hervorming wordt 100% teruggegeven via lagere belasting op arbeid en ondernemerschap. De overheid houdt niets van deze meeropbrengst voor eigen uitbreiding.
Wat betekent dit concreet voor de burger?
- Wie werkt en onderneemt: Houdt netto meer over van het zelfverdiende inkomen/de winst.
- Wie vermogen bezit: Betaalt geen jaarlijkse belasting enkel en alleen omdat hij vermogen bezit.
- Wie werkelijk rendement maakt: Betaalt belasting over de daadwerkelijke economische opbrengst.
- Wie een klein bedrag erft of geschonken krijgt: Wordt grotendeels ontzien via een vrijstelling.
Wie tonnen of miljoenen krijgt zonder tegenprestatie: Betaalt een progressief tarief.
4. DEEL I: Verdienen en Ondernemen
1. Arbeid en Werkgelegenheid (De 60/40-terugsluis)
De netto-opbrengst van de nieuwe verkrijgingsbelasting wordt direct ingezet om de lasten op arbeid en werkgelegenheid te verlagen:
- 60% van de meeropbrengst: Bestemd voor verlaging van de belasting op arbeid en ondernemerschap aan de inkomenskant (bijv. verlaging Box 1-tarieven).
- 40% van de meeropbrengst: Bestemd voor directe verlaging van de werkgeverslasten op arbeid.
Indicatieve besparing voor werkgevers (bij illustratieve daling van 0,5% loonsom)
| Omvang onderneming | Gemiddeld salaris | Totale loonsom | Indicatieve besparing/jr |
|---|---|---|---|
| 5 werknemers | € 40.000 | € 200.000 | € 1.000 |
| 10 werknemers | € 40.000 | € 400.000 | € 2.000 |
| 25 wernemers | € 40.000 | € 1.000.000 | € 5.000 |
| 50 werknemers | € 40.000 | € 2.000.000 | € 10.000 |
| 250 werknemers | € 40.000 | € 10.000.000 | € 50.000 |
2. Ondernemers- en Rechtsvormgarantie
- Geen compenserende verhogingen: De lastenverlichting op arbeid mag niet worden gefinancierd door verhogingen van de Vpb, Box 2, of extra heffingen op productieve investeringen.
- Rechtsvormneutraliteit: Vergelijkbare zelf gecreëerde economische waarde wordt zo gelijk mogelijk belast, ongeacht of iemand werknemer, ZZP'er, IB-ondernemer of DGA is.
- Harde Ondernemerstoets: Voorafgaand aan invoering wordt via microsimulatie bewezen dat de mediane en gemiddelde effectieve belastingdruk op regulier ondernemerschap daalt. Zo niet, dan wordt de terugsluis aangepast.
5. DEEL II: Vermogen en Rendement
1. Geen Algemene Vermogensbelasting
Er komt geen jaarlijkse belasting over het enkele bezit van vermogen. Rijk zijn is geen belastbaar feit. Mensen behouden de volledige ruimte om hun geld te besteden, te investeren of te herbeleggen.
2. Box 3: Belasting over Werkelijk Rendement
- Werkelijk rendement: Box 3 verandert definitief van forfaitaire ficties naar een heffing over werkelijk economisch rendement (rente, dividend, meevallers en meetbare waardestijging min directe kosten).
- Kleine rendementsvrijstelling: Ongeveer €3.000 werkelijk rendement per persoon per jaar is vrijgesteld van belasting.
- Verliesverrekening: Negatieve rendementen (verliezen) kunnen ruim worden verrekend met latere positieve rendementen.
- Geen eeuwig uitstel: Bij goed waardeerbare bezittingen (zoals beursgenoteerde aandelen) vindt periodieke herwaardering plaats; bij illiquide bezittingen wordt afgerekend bij realisatie (verkoop).
3. De Eigen Woning
- De duurzaam zelfbewoonde hoofdwoning blijft buiten de Box 3-rendementsheffing.
- Er is geen jaarlijkse belasting op theoretische waardestijging van de eigen woning.
- Buitenlandse/tweede woningen en beleggingsvastgoed vallen wél onder de regels voor werkelijk rendement.
6. DEEL III: Verkrijgen Zonder Tegenprestatie
1. Eén Persoonlijke Verkrijgingsbelasting
De huidige schenk- en erfbelasting vervallen en worden vervangen door één persoonlijke verkrijgingsbelasting.
- Iedere burger krijgt een levenslange verkrijgingsrekening.
- Op deze rekening worden alle substantiële schenkingen en erfenissen die iemand gedurende zijn gehele leven ontvangt, cumulatief bij elkaar opgeteld.
- De hoogte van het tarief wordt bepaald door de totale hoeveelheid vermogen die de ontvanger in zijn leven al belastingvrij/belast heeft verkregen.
2. Voorlopige Progressieve Tarieven
Er geldt een levenslange nultariefvoet van €25.000. Verkrijgingen daarboven worden gestaffeld belast:
| Levenslange schijf (cumulatief) | Tarief |
|---|---|
| € 0 – € 25.000 | 0% |
| € 25.000 – € 100.000 | 10% |
| € 100.000 – € 250.000 | 15% |
| € 250.000– € 1.000.000 | 20% |
| € 1.000.000 – € 5.000.000 | 30% |
| € 5.000.000 – Boven € 5.000.000 | 40% |
3. Relatieneutraliteit: "Gelijke Verkrijging = Gelijke Belasting"
Het maakt voor het belastingtarief niet uit van wie het geld afkomstig is. Een euro gekregen van een ouder, een kind, een broer, een vriend of een vreemde heeft voor de ontvanger dezelfde economische waarde.
- Gelijke behandeling: Kinderen en vrienden worden exact hetzelfde belast.
- Fiscale partners: Hiervoor geldt een uitzondering in de vorm van een doorschuifregeling.
- Bestaand vermogen: Het eigen opgebouwde spaargeld van de ontvanger telt niet mee voor de progressie op de verkrijgingsrekening.
- Kleine giften/zakgeld: Giften tot een grens van €2.500 per jaar worden jaarlijks verzameld opgegeven en bijgeschreven op de levenslange rekening.
7. DEEL IV: Bedrijfsopvolging (BOR-Hervorming)
Geen Miljoenenvrijstelling, wél Continuïteitsbescherming
De huidige Bedrijfsopvolgingsregeling (BOR) wordt grondig hervormd. Er is geen algehele belastingvrijstelling meer uitsluitend omdat vermogen in een familiebedrijf zit.
Gezonde bedrijven mogen echter nooit worden gedwongen tot verkoop om de belastingaanslag op te brengen. De bescherming verschuift van vrijstelling naar liquiditeitsbescherming en betalingsuitstel:
- Standaardregeling: Afbetaling over maximaal 10 jaar.
- Verlengde regeling: Afbetaling over maximaal 20 jaar bij aangetoond liquiditeitstekort.
- Uitzonderlijke regeling: Afbetaling over maximaal 30 jaar voor zeer illiquide, actieve ondernemingen.
8. DEEL V: Algemeen Nut, Anti-misbruik en Internationale Aspecten
- ANBI's: Vermogen dat daadwerkelijk naar het algemeen nut gaat, blijft vrijgesteld.
- Anti-misbruik: Schenkingen via tussenpersonen, verkopen onder marktwaarde, schijnleningen of kruiselingse schenkingen worden op hun feitelijke economische werkelijkheid beoordeeld en samengevoegd.
- Inzet van AI: Kunstmatige intelligentie ondersteunt bij patroonherkenning, fraudedetectie en waarderingen, maar de wet bepaalt de belasting en besluiten blijven altijd onderworpen aan menselijke beoordeling.
- Internationaal: Emigratie is geen belastbare verkrijging. Bij immigratie wordt een initiële openingsstand vastgesteld.
9. DEEL VI: Langetermijnvisie en Vermogensoverdrachtsdividend (2027–2045)
Doorgerekende Erfsomscenario's tot 2045
Stresstests in constante prijzen, basis €33,6 mrd in 2023:
| Jaar | Basis | Hoog | Zeer hoog |
|---|---|---|---|
| 2030 | € 38,6 mrd | € 44,2 mrd | € 50,5 mrd |
| 2035 | € 42,6 mrd | € 53,8 mrd | € 67,6 mrd |
| 2040 | € 47,0 mrd | € 65,4 mrd | € 90,4 mrd |
| 2045 | € 51,9 mrd | € 79,6 mrd | € 121,0 mrd |
Het Vermogensoverdrachtsdividend
Wanneer de structurele opbrengst stijgt, wordt die extra opbrengst automatisch ingezet voor verdere belastingverlaging op arbeid en ondernemen (60% inkomen/ondernemerschap, 40% werkgeverslasten).
10. Samenvattende Conclusie
Het manifest "Van krijgen naar verdienen" stelt een maatschappelijke ruil voor:
- Werken en ondernemen worden beloond.
- Bezit wordt niet belast.
- Grote gekregen vermogens dragen bij.
- Ondernemingscontinuïteit blijft geborgd.