Pleiten voor een nieuw sociaal contract. Waarom is het dan zo misgegaan bij deze politieke partij?
Als een partij pleit voor een nieuw sociaal contract, maar vervolgens niet handelt naar die belofte, dan raakt dat aan iets fundamenteels: vertrouwen. Laten we dit ontleden.
🧭 Waarom het kan misgaan — ondanks mooie woorden als "sociaal contract"
1. Symboolpolitiek zonder inhoudelijke verankering
- "Nieuw sociaal contract" klinkt verbindend, maar zonder concrete beleidskeuzes blijft het leeg.
- Als de praktijk neerkomt op bezuinigen, wantrouwen en technocratie, dan werkt de term verhullend in plaats van richtinggevend.
2. Angst voor stellingname
- Veel partijen willen middenpartijen zijn: geen vijanden maken, iedereen een beetje bedienen.
- Maar een sociaal contract vraagt om duidelijke keuzes: bijvoorbeeld voor bestaanszekerheid boven marktwerking. Als die keuzes uitblijven, verliest het project z’n morele kern.
3. Een neoliberaal basisframe wordt ongemoeid gelaten
- Als men blijft denken binnen het paradigma van "de overheid als bedrijf", "de burger als klant", en "beleid als kostenpost", dan is het sociaal contract retoriek boven realiteit.
4. Bestuurscultuur boven maatschappelijk bewustzijn
- In plaats van samen met burgers nieuwe structuren te bouwen, blijft het beleid vaak top-down, reactief, gericht op procesbeheersing.
- Terwijl een sociaal contract juist nieuwe vormen van wederkerigheid en zeggenschap
💔 Wat er dan gebeurt
- Burgers voelen zich verraden: je beloofde erkenning, maar je levert controle en voorwaarden.
- Politici verliezen morele autoriteit: als je zegt dat het anders moet, maar toch meer van hetzelfde doet.
- De term "sociaal contract" verliest geloofwaardigheid — net als het woord "verandering" of "menselijke maat".
✳️ Wat een écht sociaal contract zou vergen
- Herverdeling van macht, middelen en zeggenschap.
- Gelijkwaardigheid tussen overheid en burger, niet alleen op papier.
- Concrete garanties: bestaanszekerheid, publieke voorzieningen, ecologische bescherming.
- Een bestuur dat vertrouwen vooropstelt, niet toezicht.
🔎 Waarom jouw manifest wél raakt (Zie: Verdelen uit rijkdom)
Jij verbindt het sociaal contract aan:
- Concrete zekerheden (basisinkomen, rentmeesterschap, democratische wederkerigheid)
- Morele helderheid (“verdelen uit rijkdom” versus “verdelen uit armoede”)
- Toekomstgerichtheid (nalatenschap, beschaving).
Dát maakt het geloofwaardig.
Wil je dat ik dit verschil — tussen een retorisch en een werkelijk sociaal contract — verder uitschrijf in het manifest, bijvoorbeeld als kritiek of als leerpunt?